¶ §Antwoord op Liefdesbrief (2)
Beste Mister Tumor,
Allereerst, ik heb onlangs je naam veranderd in Mister Tumor. Ik word namelijk gek van dat gehersentumor. Het lijkt wel of ik nergens anders aan denk, of nergens anders over kan praten: hersentumor, hersentumor, hersentumor. Dat is gelukkig niet altijd zo. Gisteren heb ik bijvoorbeeld nog interessant gediscussieerd over ex-minister Vogelaar en het kapsel van Matthijs van Nieuwkerk. Dit neemt niet weg dat je nog steeds volledig en obsessief mijn leven beheerst. Het liefst wil ik je dumpen als een boom zijn bladeren in de herfst: zachtjes, teder en natuurlijk. Ik heb genoeg gejankt voor ons beiden en ik vind het niet nodig om jou net zoveel tranen te bezorgen. Geen rancune dus.
In jouw brief van
acht oktober suggereerde je dat ik last heb van bindingsangst. Dat klopt niet. Mijn ‘dumpdrang’ heeft een andere reden. Het heeft alles te maken met levenslust. Zeg dat maar tegen je vrienden als jullie in een hippe tent de ene na de andere Caipirinha naar binnen gieten. Zolang jij mij bewaakt als een guerrillastrijder zijn gijzelaars in een oerwoud, ken ik geen vrijheid. Ik zie slechts zo nu en dan een klein, dapper lichtstraaltje. Een indringer in een organisch doolhof waaruit niet te ontsnappen valt. Tenzij jij - de guerrillastrijder - de benen neemt en dat doe je natuurlijk nooit vrijwillig. Lafaard! Zeg dat ook maar tegen je vrienden: dat ik je een lafaard vind en een zuiplap. En daarmee doel ik niet op al die Caipirinha’s, maar op mijn energie die je nog altijd schaamteloos opslurpt. Elke dag.
Tijdens het kerstdiner afgelopen week was je niet uitgenodigd. Ik heb helemaal alleen van een warme brownie gesnoept. Nog geen hapje met je gedeeld zoals anders. Ik heb toen de gebeurtenissen van het afgelopen jaar de revue laten passeren en ben wederom tot de conclusie gekomen dat ik het absoluut niet eng vind om me te hechten aan mensen. Wel heb ik een bloedhekel aan verliezen. Als kind heb ik verschillende keren damborden door de kamer gesmeten, waarbij de stenen als een hagelbui op de grond kletterden. Bij monopoly was ik is altijd de bank. Een corrupte bank die geen moeite had met selectieve kapitaalinjecties. Met jou aan mijn zij heb ik alleen maar verloren. Daarom wil ik je nooit meer zien. Ik wil deze zinloze pennenstrijd bij deze voorgoed beëindigen. Het is en blijft uit. Hartstikke uit. Dat is de orde van de dag. Hoe mooi en hoopvol je woorden ook zijn. Als je het toch waagt om weer terug te komen, krijg je een dambord tegen je kop. Dus je weet wat je te doen staat…
Zeker niet voor altijd de jouwe,
Maaike
¶ §Halve onthulling
Het is negen uur in de avond en mijn huistelefoon gaat. Mijn huistelefoon gaat niet zo vaak, want de meeste mensen bellen naar mijn mobiel. Ik neem daarom nieuwsgierig op. Het is zusjelief.
‘Hallo’, zegt zusjelief. ‘Is alles goed?
‘Ja zeg ik, alles is goed.’
‘Mooi’, zegt zusjelief. ‘Met ons ook. We hebben vandaag de prenatale screeeening gehad.
‘De wat?’, zeg ik.
‘De prenatale screeeening’, zucht zusjelief. ‘Je weet wel dan kijken ze of alles goed is met de baby en zo. En het goede nieuws is… het is allemaal perfecto met de baby. Maar daar bel ik niet voor.’
Het is even stil aan de andere kant van de lijn. Ik zie voor me hoe zusjelief met haar rechterhand over haar ruim twintig weken buik wrijft en met haar linkerhand een enorme bak rundvleessalade leeglepelt. Zwangere vrouwen hebben vreemde gewoontes.
‘Waar bel je dan wel voor?’
‘Nou om te zeggen.’ Ze neemt weer een pauze.
‘Dat je tante wordt van een…
‘Wát, word ik tante van een… Dat wilden jullie toch niet weten van tevoren?
‘Nee, maar toen wist de slager dat hij een zoon zou krijgen en mijn collega dat ze een dochter zou krijgen. En tja, toen moest ik het ook gewoon weten. Je kent me toch? Het is bovendien heel praktisch hoor. Dan kun jij nu al cadeautjes kopen. En dan hoeven we maar één naam te verzinnen.’
Ik ken zusjelief inderdaad best wel goed. Vroeger organiseerden we, op haar initiatief natuurlijk, strooptochten door het huis van mijn ouders op zoek naar Sinterklaascadeaus. Dat was misschien nog wel leuker dan de cadeaus zelf. We bespioneerden daarnaast regelmatig buurman Herman met een Fisher-Price verrekijker. Ook stopten we een keer een dode vogel in een oude giro-envelop en daarna propten we de nogal dikke envelop door de brievenbus van buurman Herman. Dit alleen maar om te kijken, of hij daar bang van zou worden. Buurman Herman was helaas ‘cooler’ dan we dachten. Voor de goede orde: dit is bijna dertig jaar geleden.
Een nieuwsgierige aard houd je niet zo makkelijk onder controle. Maar toch is zo'n geslachtsonthulling wel een beetje vals spelen. En daarom houd ik hier tot april geheim of ik een nichtje/neefje krijg. Sommige mensen zijn nu eenmaal wel goed in het opbouwen van spanning.
¶ §Gewoon een griepje
Hatsjie. Opeens is daar een griepje. En opeens is daar ook weer de onzekerheid. Een onschuldig griepje bestaat niet voor een ongeneeslijk zieke. Een onschuldig griepje is voor mij reden tot een paniekaanval. Is het echt wel een griepje? Of is het Mister Tumor die op de deur klopt? Zonder bosje bloemen, maar met een paar onaangename kwaaltjes? En dat vlak voor de kerst… Terwijl ik sinds de laatste brief in
oktober niets meer van die etterbak heb gehoord. Goddank, natuurlijk.
‘Het begon met een griep die alle verschijnselen van mijn tumor plotseling weer accuut maakte.’ Dat schreef Karel Glastra van Loon in de verhalenbundel
Ongeneeslijk optimistisch. Het zinnetje spookte door mijn hoofd de afgelopen dagen. Moet ik vanwege de griep eerder de neuroloog bellen? Of gewoon wachten tot de eerstvolgende afspraak in januari? Misschien moet ik stoppen met het lezen van
kankerboeken boeken over kanker, omdat ze me onzeker maken. Aan de andere kant leiden ze ook vaak tot een frisse kijk op het leven. TWIJFELS!
De afgelopen tijd draaide
MKB op volle toeren. Een kredietcrisisje meer of minder, het maakte ons niets uit. We zijn toch niet actief in de financiële wereld of autobranche. Een simpel griepvirus daartegenover legt de complete bedrijfsvoering volledig plat. Dat komt doordat de vier B’s - Body, Balans, Beauty, Brains – even niet meer met elkaar in evenwicht zijn. Rücksichtslos in een blender gestopt en daarna stevig door elkaar geschud door een paar laffe bacillen. Daar kan geen kapitaalinjectie tegenop.
Als CEO (Chief Exuctive dinges) en eindverantwoordelijke van MKB heb ik daarom enkele noodmaatregelen getroffen. Een survivalpakket in huis gehaald voor het geval dat. Daarin zitten geen zaklamp met extra batterijen, waxinelichtjes, warmhouddekens of uiterst belangrijk een waarschuwingsfluitje. Maar gewoon sinaasappels, kiwi’s en ander vers fruit. Verder bestaat het pakket uit een noodrantsoen Ben & Jerry’s. Niet dat daar veel vitamines in zitten, maar in bange dagen is veel ijs toegestaan. Zeker als het nodig is om MKB soepel de winter door te helpen.
¶ §Kijk mam een zilveren paard!
Zo aan het eind van het jaar is het weer tijd om de balans op te maken. Het afgelopen jaar heb ik minstens vijf keer mijn hoofd gestoten tegen een zilverkleurig paard van plastic. Dat was niet in de Efteling. Het zilveren paard is zo groot als een pony en staat samen met een soortgenoot (ook zilver) bij een lunchroom met de naam: ‘Het Hart van de Betuwe’. Dus niet: ‘Het Zilveren Paard van de Betuwe’. Het zilveren paard is daarom een erg logische keuze. Het past ook totaal niet bij de oubollige rotan terrasmeubels, maar kinderen vinden het paard erg leuk. ‘Kijk mam een ‘zilveren paard!’, is inmiddels een veelgehoorde kreet in onze binnenstad.
De uitbater van de lunchroom heeft de paarden net iets te ver naar voren gezet waardoor mensen die haast hebben, en net als ik een visuele beperking, er weinig elegant hun hoofd tegen stoten. Bij voorkeur als het terras helemaal vol zit. ‘Waarom staan die paarden hier?’, vroeg een vriendin van mij laatst aan een serveerster. ‘Omdat de stilist dat leuk vindt’, antwoordde de serveerster. Daar moest de vriendin het mee doen.
Inmiddels ben ik heel veel wijzer geworden over de zilveren knollen, dankzij het tv-programma:
Top Stilist Home Edition van Net Vijf. De deelnemers aan het programma krijgen uitdagende opdrachten. Bijvoorbeeld: ‘Wedstrijdje vaas op een bijzettafel zetten’. Wie dat het leukste doet, krijgt een dagprijs. Het eindresultaat moet ten eerste stylish verantwoord zijn en ten tweede conceptueel onderbouwd. En opeens kwam het zilveren paard op tv. Het brein achter het zilveren paard, een stilist met lang haar en een muts op, doet namelijk mee met het programma.
Dat kan niet goed gaan, dacht ik. Straks gebeuren er ongelukken. En het ging ook niet goed. De jury was niet zo gecharmeerd van zijn ideeën: een zwart, barok behangetje met enorme witte koeienvlekken en een muur bekleed met tientallen, fraai op kleur gesorteerde kussentjes. Dit paste perfect binnen het concept ‘thermometer’. Je moet er maar opkomen. De stilist, alias het ‘brein achter het zilveren paard’, kreeg weinig verrassend zijn ontslag.
Van de week wilde ik een foto maken van de zilveren paarden en opeens waren ze weg. En dus heb ik nu geen enkel bewijs van hun bestaan. Misschien trekken ze inmiddels elders een arrenslee als kunstzinnig alternatief voor een rendier? Of misschien zijn ze gestolen door een stylish verantwoorde studentenvereniging? In elk geval kan ik er in 2009 niet meer mijn hoofd tegen stoten en is een goed begin van het komende jaar een feit. Nu maar hopen dat meer restaurants en winkels rekening gaan houden met hun (licht) gehandicapte medemens. Dan is er voor meer mensen reden tot champagne…
¶ §Gedwongen afscheid van een wijvenauto
COLUMN voor vrouw.nl
Tien jaar geleden kocht ik op een druilerige zaterdagmiddag mijn eerste eigen auto. Het was een zo goed als nieuwe Fiat Cinquecento uit 1997, klein van stuk en met fraaie, blauwe bekleding. De volgende dag ging ik samen met mijn vader naar de garage om de auto op te halen. Gelukkig wisten wij op dat moment geen van beiden dat ik jaren later met dezelfde auto tergend langzaam achter zijn rouwauto zou rijden. Mijn blik gericht op de blankhouten kist, omringd door andere weggebruikers die nietsvermoedend en met chagrijnige gezichten naar hun werk sjeesden.
De Fiat en ik hebben veel bijzondere momenten gedeeld. Samen reden we naar vriendjes en vriendinnen in het hele land. Met zijn tweeën stonden we urenlang stil op de A9 om in Bloemendaal een strandfeest te kunnen bezoeken. We vloekten heel hard toen ik vanwege een lekke band bijna te laat arriveerde op een sollicitatiegesprek. En nog véél harder toen even later de eerste auto-inbraak en blikschade zich aandienden. Nooit gingen we in op de avances van bouwvakkers als we naast een klusbus in de file belandden. Zelfs niet toen één van hen het leuk vond om zijn blote kont tegen de voorruit te drukken.
Jarenlang heb ik mijn schouders quasinonchalant opgetrokken als de Fiat – voornamelijk door mannen – volkomen terecht werd uitgemaakt voor: wijvenwagentje, overdekte brommer, scootmobiel en boodschappenkarretje. Ik bleef er trots op, zoals ook een Italiaan trots is op zijn klassiekers. Zelfs een Rolls-Royce was geen waardige vervanger geweest. Dit is natuurlijk overdreven.
Desondanks heb ik definitief afscheid genomen van mijn eerste auto. Helaas gedwongen. Hoewel de Fiat nog steeds prima functioneert, mag ik er zelf al twee jaar niet meer in rijden vanwege een visuele beperking en anti-epileptica. Van de week heb ik hem daarom officieel op naam laten zetten van mijn broertje die nu zijn meterslange lichaam achter het stuur vouwt. Deze transfer heeft een groot voordeel én een groot nadeel. Ik heb nooit meer last van opdringerige automobilisten, maar ook heb ik hiermee letterlijk een groot deel van mijn vrijheid ingeleverd. Ik zal niet meer ’s nachts over de snelweg scheuren, alleen met mijn gedachten en dromen, of impulsief doorrijden naar Barcelona.
Sinds een week is ook mijn rijbewijs ongeldig. Ik heb het niet verlengd, omdat er geen kans is op verbetering van mijn gezichtsvermogen. Daarom zoek ik nu intensief naar een auto met chauffeur. Type voertuig maakt niet uit, als het maar geen klusbus is…
¶ §Hersentumor blijkt worm
Elke keer als ik mijn hotmail open, word ik getrakteerd op filmpjes met écht wereldnieuws. Wie wil er nou niet weten dat Britney, kindsterretje, Spears, onlangs haar 27e verjaardag heeft gevierd? Wie wil er nu nou niet weten dat het uit is tussen Ron Link en Idol Jamai? Wie wil er nou niet weten dat topmodel Heidi Klum met Halloween verkleed was als Tom van Jerry? En wie wil er nou niet weten dat de Amerikaanse Rosemary Alvarez een worm in haar hoofd heeft en geen hersentumor? Dit laatste filmpje heeft in elk geval mijn aandacht getrokken, zoals alles met het woord ‘hersentumor’ direct mijn aandacht trekt. In dit geval had ik beter onwetend kunnen blijven. Vooral omdat ik nog moest ontbijten en het nieuws mijn eetlust niet stimuleerde.
Rosemary Alvarez, moeder van vier kinderen en voetbalcoach, heeft al een tijdje een wat vreemd gevoel in haar linkerarm en ze is duizelig. Voor de zekerheid laat ze een MRI maken. Op de scans is duidelijk een hersentumor te zien. Grote ellende. Terwijl een chirurg met de naam Nikotsjie (fonetisch getypt) haar schedel openmaakt, ontdekt hij dat Rosemary geen hersentumor heeft, maar dat er een worm in haar hoofd zit. Nikotsjie schrikt er niet van. Hij is alleen maar blij dat Rosemary geen ernstige ziekte heeft. Vervolgens toont het filmpje hoe Nikotsjie – en nu wordt het smerig – vakkundig met een pincet de worm uit het hoofd van Rosemary trekt. Probleem opgelost.
Nikotsjie, werkzaam voor het Barrow Neurological Institute in Phoenix, legt uit dat een worm in een hoofd geen zeldzaamheid is. Hij heeft zelf al minstens vijf ‘wormamputaties’ op zijn naam staan en collega’s hebben ook al kennisgemaakt met dit fenomeen. Als mensen na toiletgebruik hun handen niet goed wassen, dan kunnen ze elkaar besmetten. Ook het eten van ongaar varkensvlees vergroot de kans op een hersenworm.
Omdat ik de rest van de dag continu moet denken aan Nikotsjie, Rosemary en de hersenworm, surf ik ’s avonds naar een ander filmpje om mijn aandacht af te leiden. Ditmaal valt mijn oog op de reportage over Heidi’s Halloween Party in LA . Ik zie hoe ze als levensgrote muis de show steelt en dat iedereen (allen twintig plus) haar bewonderend toejuicht. Inclusief een bejaarde, Devil Woman op hoge hakken, een sexy Queen of Darkness en natuurlijk ontbreekt ook Dracula niet. Amerikanen zijn vreemde mensen. Ook als ze geen worm in hun hoofd hebben.
En toch ben ik best jaloers en zou ik ook liever een worm in mijn hoofd hebben, dan een tumor. Of mezelf verkleden als levensgrote muis. Je kunt niet alles hebben.