Uitwaaien aan zee
Af en toe wil ik even niet aan ziektes denken en gewoon mijn hoofd leeg laten waaien. Dan komt het mooi uit dat je van lieve mensen een uitnodiging krijgt om een paar dagen in hun Bed & Breakfast in Scheveningen te verblijven. Ik wandelde langs het strand en keek naar de vervallen pier. De kracht van het onverwoestbare daar moest ik aan denken terwijl een golf mijn schoenen zeiknat maakte. Een Duitse toeriste rende op blote voeten door het ijskoude water een jongetje schepte schelpen in een emmertje. En het leven gaat door, daar moest ik ook aan denken. Soms is het even alsof er niets aan de hand is. Dat is fijn.
Geen schoon gevoel
Op Twitter merkte ik dat het nog steeds een beetje onduidelijk is of ik beter ben of niet. Dat is niet erg, het zit ook best ingewikkeld in elkaar. Af en toe snap ik er zelf ook geen snars van.
Inmiddels is mijn laatste behandeling ruim vijf jaar geleden. Mijn neuroloog heeft onder zijn patiënten nooit eerder iemand gehad die zo lang* na de behandeling van een (graad 3/4) hersentumor nog leeft. Bij veel andere vormen van kanker word je genezen verklaard als je vijf jaar na behandeling nog ‘schoon’ bent. Bij een kwaadaardige hersentumor geldt dat niet, omdat die altijd weer terugkomt, tenzij in mijn geval het wonder zich voortzet.
De blijdschap die ik aan het begin van de week, na de schone mri voelde, was dubbel. De tumorcellen van Mister Tumor zitten dus hoogstwaarschijnlijk nog altijd tussen mijn gezonde zenuwcellen, alleen zijn ze zo klein dat ze niet zichtbaar zijn op de mri. Als ze gaan groeien is het foute boel. Ik ben zelf dus niet schoon, ik ben nog steeds vies. Dan heb ik het niet eens over alle andere kwaaltjes. Kwaaltjes die mijn neuroloog zo mooi ‘de tol die ik betaal voor het wonder noemt.’
Mister Tumor moet zich opperbest blijven vermaken op zijn tropische eiland. De kans dat hij op korte termijn genoeg heeft van het zonnebaden en bierzuipen is nu klein, maar uitgesloten blijft het niet. Blijdschap en onzekerheid blijven stuivertje wisselen. Altijd.
*of kort het is maar net hoe je het bekijkt.
Ook op de nieuwste scan is geen spoor te bekennen van Mister Tumor. Ik ben nu vreselijk moe, doordat ik een hele week in spanning heb gezeten. Later meer bijzonderheden.
Nieuwe telefoon ter afleiding
Mijn favoriete zin deze week was: ‘Help wat doe ik nou weer.’ Die zin gebruikte ik nogal vaak omdat ik sinds deze week een smartphone heb. Ik moest wel want mijn ‘domfoon’ was ermee opgehouden. Stom ding. En nu heb ik dus een telefoon met een aaischerm, waarmee je mee kunt internetten, sadistische spelletjes spelen (vogels uit de lucht halen met stenen) en whatsappen. Alleen wrijf ik steeds op de verkeerde plaats over het scherm, waardoor er allerlei vreemde dingen gebeuren.
Mijn favoriete woord deze week was ‘kutding’ en dan bedoelde ik dus de nieuwe telefoon en niet de oude, ik riep het nadat ik per ongeluk al mijn sms’jes had gewist inclusief de activeringscode voor internetbankieren en ik die sms’jes dus niet meer kon terughalen. Of nadat ik in mijn bellijst zag dat ik per ongeluk een onbekend nummer had gebeld in Amerika. Of nadat ik de gegevens van de ene vriendin per ongeluk naar de andere stuurde enzovoort.
Mijn minst favoriete persoon deze week was de telefoonverkoper, omdat hij goochelde met mijn simkaart. ‘Maak je geen zorgen’, zei de telefoonverkoper ‘het gaat echt allemaal goed komen.’ Vijf minuten later was ik al mijn telefoonnummers kwijt en daarom ben ik al dagen aan het mailen om het lijstje weer compleet te krijgen. Wat een fiasco.
Een voordeel van al dat gevloek en gemopper was wel dat ik even vergat waar het echt om gaat. Maandag dus de uitslag van de mri en die moet me blij maken. Ondertussen ga ik maar eens op zoek naar een antistress app.
Heb je inmiddels nog geen mailtje van mij ontvangen, dan heb ik waarschijnlijk geen of een oud e-mailadres van je. Kun je mij dan even een berichtje met je nummer sturen? Alvast bedankt.
|
|