Berkenboom
Hij staat voor mijn raam. De boosdoener. Ik ga je pesten vandaag. Er zijn geen vluchtroutes. Zijn macht hangt in de lucht. Hij is overal. Met rode ogen kijk ik hem aan. Tranen lopen over mijn wangen. Waarom ben je zo gemeen tegen mij? Alle vreugde van de lente gaat verloren. Door hem. Het is niet zo dat ik over me heen laat lopen. Ik ben zelfs aan de pillen. Maar hij krijgt me klein. Heel klein. Door hem verlang ik naar regen en niet naar zonneschijn. Het is de tijd van het jaar, roept iedereen. Het gaat wel weer over. Maar de ellende blijft. Ik ontkom er niet aan. En hij doet alsof zijn neus bloedt. Door hem huil ik de hele dag. Ik ben zó zielig. Niets of niemand kan iets voor me doen. Zelfs de huisarts niet. De boosdoener heeft overal broers en zussen. Behalve in de tropen. Ik wil naar een Caribische eiland. Het is de enige manier om aan zijn greep te ontspannen. Of kan het rigoureuzer? Een cirkelzaag bijvoorbeeld? Stomme berkenboom met je vreselijke pollen. Je maakt een moordenaar van me.
zestien reacties
ik had ook al last van een paar verdwaalde niesbuien. ik vrees dat de lente nu echt begonnen is. elk voordeel….
Tis een drama al die pollen. Misschien toch maar wat Glorix bij de boom gieten; gaat ie vanzelf dood, gna gna!
Ik heb ‘t al 23 jaar, voor zo’n beetje alles, maar elk jaar lijkt het nu een beetje minder te worden. Maar voor de zekerheid gaan we toch maar 2 weekjes naar een Caribisch eiland…![]()
Ik heb dat met gras. Vre-se-lijk! Ik leef met je mee…