Porseleinkast
Ik ben een theekopje van Wedgwood. Met verfijnde rode rozen en een gouden randje. Porselein dat op elk moment uit elkaar kan vallen. In duizend kleine stukjes op de grond. Deze gedachte komt bij me op als ik over de snelweg rijd richting Den Bosch. Een uit- en invoegstrook komen samen. In mijn achteruitkijkspiegel zie ik een donkerblauwe bestelbus. Tussen ons slechts een meter asfalt. Ik kan hem niet voorbij laten gaan. De auto voor mij rijdt te langzaam. Bumperkleven is levensgevaarlijk.Mijn zusje geeft een auto voorrang op een T-splitsing. Zij let op, maar de bestuurder achter haar niet. Een flinke klap volgt. Blikschade en een pijnlijke nek. De volgende dag zit ze bij de huisarts. Bang voor een whiplash. Dit is amper een week geleden. Zij is een theekopje van Wedgwood. Met verfijnde rode rozen en een gouden randje. Porselein dat op elk moment uit elkaar kan vallen.
Vannacht. Een hotelbrand in Parijs. Een jongetje van een jaar of acht ontsnapt aan de dans van de dood. Met grote, angstige ogen kijkt hij de wereld in. Een volwassen vrouw grijpt hem bij zijn arm. Waar zijn de ouders? Leven zijn broers en zusjes nog? Ook dit jongetje is een theekopje van Wedgwood. Met verfijnde rode rozen en een gouden randje. Porselein dat op elk moment uit elkaar kan vallen. In duizend kleine stukjes op de grond
Kwetsbaarheid. Het leven is een porseleinkast. Ik voel het als ik op straat loop. Ik zie het vooral als ik hem zie liggen. Zo fragiel. Zo delicaat. Zo ziek. Hij is een theekopje van Wedgwood. Met verfijnde rode rozen en een gouden randje. Porselein dat op elk moment uit elkaar kan vallen. In duizend kleine stukjes op de grond.
Aaarrrggghhh wat kun jij toch gruwelijk mooi schrijven!