Wonder
Geloven jullie nog in een wonder?, vraagt A. Dat durf ik niet, zeg ik. Maar ik denk er wel veel aan. Dat zou iedereen doen in mijn situatie. Het leven zit vol met wonderen, benadrukt A. Ik heb een keer mijn portemonnee teruggevonden in een drukke winkelstraat. Dat was een wonder. Soms zijn wonderen zo klein dat je ze niet eens ziet. Bijvoorbeeld voorjaarsbloemen die een sneeuwbui overleven. Ze gebeuren overal om je heen. Behalve als je erop wacht, vul ik haar aan. Op een wonder mag je nooit vooruit lopen, dan komt het niet op je pad. Wonderen gebeuren altijd plotseling. Ze zijn ongrijpbaar. En daarom reken ik nergens op. Alleen dan zal het wonder gebeuren. Als wonderen te koop zouden zijn in de supermarkt, dan bestaan ze niet meer. Je hebt gelijk, zegt A. Wonderen zijn niet te koop. Soms begrijp je door het wachten op een wonder wél meer van het leven. Op het moment dat A. dit zegt schiet mij een liedtekst te binnen. Toch is het alsof dit leven/ Ons soms iets vertelt/ Dat meer is dan geluk of verdriet/ Leven is meer dan een dwaas/ Of een held/ Zonder het wonder/ Leven we niet.(Dit logje heb ik opnieuw online gezet, omdat mijn weblog vannacht is overgezet op een nieuwe server zijn er wat reacties verdwenen!)
@Mo: van Paul de Leeuw geloof ik. Op een speciaal uitgebrachte cd.