Boos of niet boos (II)
Hij is er niet hoor, zegt H. Ik zie zijn auto niet voor de deur staan. Hij durft vast niet, zeg ik. Of misschien had hij golfles vanochtend. En is hij een beetje moe. Maar golf is een sport voor oude mensen. Als je daar moe van wordt, dan ben je een watje. Daar wil ik zeker niet mee uit. Een half uur later verschijnen broer en zus vrolijk op de verjaardag. Broer kijkt me vluchtig aan en gaat aan de andere kant van de kamer staan. Zus begroet me met drie zoenen op mijn wangen. Volgens mij is ze de afwijzing vergeten. Heb je nog leuke dates in de planning?, vraagt ze zelfs. Ehh nee, zeg ik. Heb geen aanzoek gekregen dat de moeite waard is. Oeps, dat had ik misschien iets anders moeten formuleren. Maar zus pakt het niet zo zwaar op. Jouw tijd komt nog wel, zegt ze. Terwijl ze steels naar haar broer kijkt. Ik kan zijn gesprek van een afstandje volgen. Hij praat met zijn vriend over het weer. Kijk het sneeuwt weer. Koud is het zeg. Ik heb vanmorgen twee uur op de golfbaan gestaan. Mijn voeten waren helemaal bevroren. Gelukkig is het binnen lekker warm. Aha. Vrijwillig golven en dan ook nog klagen over de kou. Broer is toch een beetje een watje. En natuurlijk wil ik een bikkel. Ik hoef daarom niet te twijfelen over mijn beslissing: nee is en blijft nee.tien reacties
Oei, een golver. Dat zijn vreemde types. Golven is geen sport, maar een bezigheid, net als darten, of klaverjassen. Maar kom daar eens om bij de ruitenbroekenbrigade. Nee, ver van weg blijven…
Groot gelijk zus! Kom maar met een echte bikkel thuis, zoals je broertje die in sneeuw gaat trainen..
Agossie, blauwe golfballetjes?